Voorhoofdslift: De operatie

Voorhoofdslift: De operatieEen voorhoofdslift wordt uitgevoerd door een plastisch chirurg in een ziekenhuis of privékliniek. De operatie geschiedt onder algehele narcose en duurt doorgaans anderhalf tot twee uur. De ingreep wordt nog weleens poliklinisch uitgevoerd, maar meestal zijn één of meerdere overnachtingen nodig.
Een voorhoofdslift is een operatieve ingreep waarmee de plooien en horizontale rimpels in de voorhoofdshuid worden strakgetrokken. Daarnaast kunnen de wenkbrauwen en de huid boven de bovenste oogleden worden opgetrokken. Een voorhoofdslift kan ‘open’ of endoscopisch worden uitgevoerd. Na overleg met de plastisch chirurg kan de patiënt zelf beslissen wat hem het meest geschikt lijkt.

De klassieke, subcutane, ofwel ‘open methode’

Bij de ‘open methode’ van de voorhoofdslift wordt er een incisie gemaakt die begint op de haargrens, op het midden van het voorhoofd. De insnijding loopt via de haargrens richting beide oren en verdwijnt ter hoogte van beide natuurlijke inhammen achter de haargrens. Achter de haargrens loopt de incisie door tot aan beide oren. Soms wordt de incisie via de kruin, in een halve cirkel van oor tot oor gemaakt.

De voorhoofdshuid wordt vanaf de incisie tot aan de wenkbrauwen losgesneden van onderhuids weefsel en vervolgens richting de haargrens strakgetrokken. Daarna wordt het huidoverschot weggesneden en wordt de wond laagje voor laagje, in- en uitwendig gehecht.

Bij de ‘open methode’ worden de voorhoofdshuid en de wenkbrauwen verplaatst ten opzichte van de voorhoofdsspier (venter frontalis musculi occipitofrontalis). Hierbij blijft de lengte van het voorhoofd gelijk of wordt deze zelfs ietwat ingekort. Hierdoor komt de haargrens naar voren, wat esthetisch gezien voordelig is. Wel wordt de huid voorzien van een fors litteken, maar dit trekt doorgaans grotendeels weg of vervalt onder het haar. Deze techniek wordt vooral gebruikt bij patiënten met een hoog voorhoofd, extreem laaghangende en/of zeer beweeglijke wenkbrauwen.

De endoscopische methode (kijkoperatie)

Bij de endoscopische methode (kijkoperatie) van de voorhoofdslift wordt achter de haargrens een vier- of vijftal incisies gemaakt met een lengte van plusminus 5 millimeter. Met behulp van een minuscuul cameraatje en scalpel wordt de voorhoofdshuid – inclusief de voorhoofdsspier – vanaf de incisie tot aan de wenkbrauwen onderhuids losgesneden van onderliggend weefsel.

De voorhoofdshuid wordt net als bij de ‘open methode’ strakgetrokken, maar de overtollige huid wordt niet weggesneden. Het teveel aan huidweefsel wordt richting de kruin geschoven en verdwijnt achter de haargrens. Hierdoor zal een huidrichel ontstaan die aanvankelijk vanzelf weer verdwijnt. De operatiewond zal voor het grootste deel niet worden gehecht, maar met een lijmachtige vloeistof worden vastgemaakt aan het onderliggende weefsel en de schedel. Soms wordt de huid voor extra steun aan de schedelcortex vastgehaakt met enkele minuscule schroefhaakjes. Bij de slapen worden enkele onderhuidse oplosbare hechting geplaatst. De incisies aan het huidoppervlak worden doorgaans met enkele nietjes gedicht.

Het wondgebied is bij de endoscopische methode uiterst klein en de wondgenezing verloopt daardoor bijzonder snel. De voorhoofdshuid groeit doorgaans binnen drie weken vast aan de schedel. Bij de endoscopische methode worden de voorhoofdshuid, de wenkbrauwen en de voorhoofdsspier als geheel verplaats ten opzichte van de schedel. Hierdoor wordt het voorhoofd verlengd en de haargrens ietwat naar achter geschoven. Mannen kiezen doorgaans voor de endoscopische methode omdat de relatief grote littekens van de ‘open methode’ zichtbaar worden wanneer zij hun haar verliezen.